Bye bye Facebook

pexels-photo-267399.jpeg

‘Als je aan tafel zit bij een machtige leider, bedenk dan dat hij veel invloed heeft. Wees niet hebberig, eet niet te veel, ook al houd je nog zo van lekkere dingen. Laat je niet verleiden door al het eten. Anders loopt het verkeerd met je af’. Spreuken 23:1-3.

Vanmorgen heb ik mijn Facebook-account verwijderd. Let op: verwijderd, niet gedeactiveerd. Dat betekent dat ik nog een paar werken mailtjes zal krijgen die me zullen vertellen hoezeer mijn bijdragen door iedereen gemist gaan worden. Maar daarna zal ik -hoop ik- geheel Facebook-loos mijn levensweg vervolgen.

Vanmorgen las ik bovenstaande tekst uit de Bijbel in Gewone Taal. Dat was voor mij toch wel een aardige bevestiging van mijn enigszins drieste besluit. Ik kan me niet herinneren dat ik ooit mocht aanzitten bij een machtig leider, maar ik zat al wel zo’n 12 jaar op Facebook. Bij meneer Suikerberg, zeg maar. En daar kwamen dagelijks best wel veel lekkernijen voorbij: filmpjes, fotootjes, verhaaltjes, advertenties. Smul, smul, smul. Het werd de hoogste tijd voor een ander dieet.

Ik ga het anders aanpakken. Psalm 105 zegt : ‘Seek his Face continually’.  Zoek zijn aangezicht voortdurend. Dat lijkt me een goed advies. En het mooie is, dat Hij ook  nog een Boek heeft. Het Boek van het leven. De tijd die ik daar dagelijks aan hoop te besteden is veel gezonder voor mij. En bovendien wordt ik er voortdurend ge-liked! Sterker nog: ge-loved. 

hand.jpg

 

Advertenties

India calling

Enkele dagen geleden werden we gebeld en liet onze telefoon het landnummer van Duitsland zien. Een meneer met een zwaar Indiaas accent vertelde mijn vrouw dat er grote problemen met onze computer waren en dat hij als medewerker van Microsoft dat euvel wel even zou oplossen.  Of ze de computer even wilde opstarten…Toen ze liet weten niet op dat aanbod in te gaan, beweerde hij dat Microsoft onze licentie per direct zou beëindigen. Nu zijn wij wel bekend met dergelijke telefoontjes en mijn vrouw ziet het meestal als een leuke uitdaging om dan met zo’n iemand een gesprekje aan te gaan.

De man beweerde Joy te heten en vanuit Londen te bellen. Hij vond het wel gezellig  om een babbeltje te maken. Zelfs de mededeling dat Jezus van hem houdt en dat we voor hem zouden bidden dat hij beter werk zou vinden, viel in goede aarde. Hij beloofde terug te zullen bellen.

Dat gebeurde vandaag. Onze telefoon liet het landnummer van Engeland zien. Het was dezelfde meneer die eerlijk toegaf vanuit India te bellen. Hij wilde het niet hebben over onze computer, maar wilde mijn vrouw laten weten dat hij met dit werk opgehouden was omdat het niet goed was en opgezet was door criminelen.

Hoe hij dan nog steeds kan bellen met een Europees landnummer is ons een raadsel, maar misschien is het toch een goed idee om te proberen de mens te zien achter dit soort telefoontjes. Het is geen leuke baan en ze worden vaak afgesnauwd. Een kans om goed nieuws door te geven op kosten van een criminele organisatie, om in de duisternis een beetje licht te laten schijnen.

Heilige kus

Afbeeldingsresultaten voor kus

In Romeinen 16:16 worden gelovigen opgeroepen elkaar te groeten met ‘een heilige kus’. Nu heb ik veel begroetingen gezien op het christelijke erf, variërend van een koele handshake tot een innige hug, maar iets dat in de buurt komt van een holy kiss heb ik maar zelden gezien, laat staan uitgedeeld of ondergaan.
Tot gisteren…
Al bijna een jaar mag ik helpen bij het geven van Bijbelstudies aan vluchtelingen georganiseerd door de kerk in het dorp waar ik woon. Dat gebeurt in het Engels en wordt vertaald in het Farsi als er tenminste iemand aanwezig is die beide talen machtig is. Het blijft wat behelpen, maar gelukkig hebben we hetzelfde materiaal in verschillende talen.
Een gesprekje vooraf of nadien wordt altijd minder persoonlijk als er een vertaler of vertaalster tussen staat. Ik ken inmiddels wat woorden die het Farsi evenals het Swahili gemeen heeft met het Arabisch. Verder zijn er meestal wat Engelse en Nederlandse woorden om te groeten en te vragen hoe het gaat.
Gisteren was het tijd voor een afscheid. Asielzoekers worden immers vaak en om onduidelijke redenen overgeplaatst. We komen dan meestal niet verder dan een handdruk, een ‘thank you’ en een ‘barakat’ ( zegen). Maar voor het eerst in mijn leven onderging ik een oosterse kus op beide wangen van een echtpaar die daartoe het initiatief nam en daarmee blijkbaar iets meer wilde zeggen dan een ‘tot ziens’. Een heilige kus. In plaats van me erg ongemakkelijk te voelen, werd ik er deze keer blij van. Afscheid nemen is nooit leuk, maar op deze manier wordt het een heel stuk draaglijker.

Kandelaar

Menorah_003

­

‘Breek met het leven dat u nu leidt en doe weer als vroeger. Anders kom ik naar u toe en neem ik, als u geen berouw toont, uw lampenstandaard van zijn plaats’. Openbaring 2:5.

De bovenstaande woorden zijn gericht aan een gemeente met  een stevige reputatie. De leden hadden immers inzet getoond en waren standvastig geweest. Toch waarschuwt Jezus hun dat ze gevaar lopen door hem niet langer als deel van zijn Koninkrijk erkend te worden.

Als het in een gemeente niet zo goed gaat en de de opkomst  laag is, dan troosten we elkaar al snel met een heel andere tekst: ‘Waar twee of drie mensen in mijn naam samen zijn, ben ik in hun midden’ (Matteüs 18:20).

We geloven graag dat Jezus aan elke christelijke samenkomst, hoe weinig inspirerend ook, zijn zegen wel zal verlenen. Sterker nog, dat Hij  altijd persoonlijk aanwezig is.

Houden we er wel rekening mee dat er een situatie kan ontstaan, dat Hij het welletjes vindt en er een punt achter zet? De gemeente van Efeze zal ongetwijfeld uit meer dan twee of drie leden hebben bestaan. Is het mogelijk dat er kerken zijn waar Hij geen heil meer in ziet, maar waar alles toch gewoon zijn gangetje gaat? Dat liederen worden gezongen, de Bijbel wordt uitgelegd, de collecte wordt opgehaald, koffie wordt geschonken, maar dit alles zonder dat de hemel vertegenwoordigd is?

Als dat mogelijk is, zouden we daar dan iets van merken? Een gemeente die gezamenlijk berouw toont voor het gevoerde beleid en voor het gebrek aan blijvende vrucht, heb ik eerlijk gezegd nog nooit gezien. Ik zie wel dat de waarheid moet wijken voor ingenomen posities en dat ingeslagen wegen zonder liefde worden voortgezet. Hoe kijkt Jezus naar dit soort situaties?  Blijft Hij erelid of gaat Hij op zoek naar andere plaatsen om de lampenstandaard neer te zetten en te laten schijnen?

Persoonlijk ben ik er nog niet uit. Ongetwijfeld ben ik ongeduldiger dan Hij is en veel minder trouw. Maar zou het ook niet zo kunnen zijn dat ik ergens ben blijven hangen, waar Hij al lang vertrokken is? Ik moet er niet aan denken!

Heer, laat ons zien, wanneer we onze eerste liefde kwijt zijn geraakt en we ons moeten bekeren.

Afgewezen

Al een jaar of drie doe ik af en aan vertaalwerk voor een (christelijke) organisatie. Het een en vertalenander is ook al gepubliceerd. Een klein half jaar geleden werd mij gevraagd een serie van 4 boeken te vertalen. Drie heb ik er inmiddels ingestuurd, de vierde was voor driekwart klaar. Vandaag werd ik gebeld met de nogal schokkende mededeling dat ik het vertalen wel kon staken, want mijn eerdere werk was gewogen en te licht bevonden. Correcties zouden te veel tijd vragen, want het was zo slecht dat een professionele vertaler (tegen betaling natuurlijk) van nul af zal moeten beginnen.

Met twee dingen heb ik moeite. Dit is niet de eerste vertaalklus die ik heb gedaan. Ik weet dat ik, voor iemand die dit gratis en voor niks doet, altijd goed werk aflever. Taalgevoel is iets wat je meekrijgt. Daar hoef je niet trots op te zijn, maar als je anderen ermee kunt helpen is dat mooi meegenomen. Als die het vervolgens maar niks vinden, dan moet je dat accepteren.

Het tweede pijnpunt is dat ze me een paar maanden hebben laten zitten vertalen, terwijl ze eigenlijk al wisten dat ze het niet gingen gebruiken. Nu zie ik dit niet helemaal als verloren tijd, want je leert er altijd wat van en het houd je van de straat. Maar aan de andere kant, ik had  leukere en misschien ook wel nuttiger dingen kunnen doen in die tijd. En zo blijkt maar weer dat Jezus het bij het rechte eind had toen Hij zei: Want de kinderen van deze wereld zijn onder elkaar  verstandiger dan de kinderen van het licht’ (Lucas 16:8). Inderdaad is het zo dat je als vrijwilliger bij de ‘kinderen van de wereld’ vaak meer waardering krijgt. Zo zou het niet moeten zijn …

Invloed en betrokkenheid

scannen0048 Mensen maken zich in meer of mindere mate druk om van alles en nog wat. Thuis, op school, op het werk, in de buurt. Aan sommige zaken zaken kun je iets doen, als je invloed hebt, maar aan andere zaken juist helemaal niet. In de organisatiepsychologie wordt gewerkt met de ‘circle of concern’, de cirkel van betrokkenheid en de ‘circle of influence’, de cirkel van invloed. Mijn vrouw moet zich voor haar werk met dit soort zaken bezighouden. Hoe dit werkt op een ziekenhuisafdeling weet ik niet, maar deze problemen spelen zeker ook in de kerk. Wanneer je cirkel van betrokkenheid veel groter is dan je cirkel van invloed, dan heb je een probleem. Je maakt je druk over dingen die je niet kunt veranderen.  Als je cirkel van invloed veel groter is dan je cirkel van betrokkenheid dan heb je ook een probleem.  Je bent voor veel verantwoordelijk, maar doet er (te) weinig aan. Misschien heb je te veel hooi op je vork of ben je gewoon niet geïnteresseerd genoeg. Dit laatste kan gebeuren in kerken, waar de leidinggevende(n) de touwtjes strak in handen wil(len) houden. Ze hebben naast hun baan en gezin ook nog de verantwoordelijkheid voor een groep mensen. Aan de andere kant hebben ze misschien capabele mensen in hun gemeente, mensen die grote betrokkenheid tonen en de kerk ook heel erg belangrijk vinden. Maar ze krijgen weinig tot geen verantwoordelijkheid. Een bijzonder frustrerende situatie. Ze kunnen óf proberen hun cirkel van invloed te vergroten met het gevaar om in botsing te komen met de leidinggevende(n), óf proberen zich minder druk te maken over zaken die blijkbaar niet kunnen veranderen. Beide strategieën zijn moeilijk voor een meelevend christen. Je gaan concentreren op de tekortkomingen van anderen, op problemen en omstandigheden waar je weinig aan kunt doen, is niet de weg die Jezus ons wijst. Maar ook de houding van: ‘ze zoeken het maar uit’ is dat niet. Het is beter om je te richten op zaken waar je echt het verschil kunt maken. Een positieve houding aan te nemen, die energie geeft. Jezus kwam naar deze wereld, waar niemand op hem zat te wachten. Zo leek het tenminste. Zijn cirkel van invloed was aanvankelijk klein, maar zijn betrokkenheid heel erg groot. Van hem kunnen we leren hoe je met zo’n situatie omgaat. Doen wat je hand vindt om te doen. En gebed zou wel eens veel meer kunnen uitwerken dan we voor mogelijk hadden gehouden!

Chassidiem

chassidim

In Psalm 149 komen we drie keer een woord tegen dat op verschillende manieren wordt vertaald. In het Hebreeuws staat er ‘chasidiem’ (vs. 1, 5 en 9). Getrouwen, gunstelingen, vromen, heiligen, zeggen onze Nederlandse vertalingen. Wij kennen misschien het begrip ‘chassidische joden’. Dat zijn orthodoxe mannen, strak in de leer en te herkennen aan pijpenkrullen en verschillende hoofddeksels. Het woord ‘chassidiem’ komt van ‘chésed’, dat eigenlijk goedheid betekent. Reformatorische christenen vinden zichzelf niet zo snel goed en zullen de voorkeur geven aan gunsteling als vertaling. Evangelischen denken daar wat gemakkelijker over en hebben er niet zo’n moeite mee zichzelf  heilig te noemen. Zoals zo vaak hebben ze allebei  (een beetje) gelijk. We zijn goed omdat God ons goed heeft gemáákt. En als dat zo is, dan zijn we ook heilig in zijn ogen en moet dat in ons dagelijks leven ook te zien zijn in de manier waarop we leven.

Maar wie mogen zich eigenlijk tot de ‘chassidiem’ rekenen? In Psalm 149 gaat het over Israël, de kinderen van Sion, het volk van God. Dit in tegensteling tot de heidenvolken. Maar binnen dat volk zijn er weer mensen die ernst maken met wat ze zeggen te geloven. Het zijn de ‘getrouwen’, mensen die echt blij zijn met hun relatie tot de Heer. Dit komt tot uiting in de liederen die ze zingen en de bereidheid om ervoor te gaan. Ze hebben een tweesnijdend zwaard in hun hand (vs. 6). Geen gemakzuchtige types dus. Ze zijn bereid om hun aandeel te leveren in de geestelijke strijd met de vijanden van God, met de demonische machten in de hemelse gewesten, die het hebben gemunt op het welzijn en voortbestaan van het volk van God. Ze zijn vertrouwd met het Woord van God als zwaard en kunnen het ook als zodanig gebruiken.

Een naam is maar een naam. Mensen kunnen zich ‘chassidiem’ noemen zonder het ook echt te zijn. Of reformatorisch, of evangelisch of pinkster. Belangrijker is dat we echt deel uitmaken van de gemeente van Gods gunstelingen, getrouwen of heiligen, en dat we er ook volledig naar leven. Hoe we onszelf noemen is van geen belang. Het gaat erom hoe God ons ziet!