Afgewezen

Al een jaar of drie doe ik af en aan vertaalwerk voor een (christelijke) organisatie. Het een en vertalenander is ook al gepubliceerd. Een klein half jaar geleden werd mij gevraagd een serie van 4 boeken te vertalen. Drie heb ik er inmiddels ingestuurd, de vierde was voor driekwart klaar. Vandaag werd ik gebeld met de nogal schokkende mededeling dat ik het vertalen wel kon staken, want mijn eerdere werk was gewogen en te licht bevonden. Correcties zouden te veel tijd vragen, want het was zo slecht dat een professionele vertaler (tegen betaling natuurlijk) van nul af zal moeten beginnen.

Met twee dingen heb ik moeite. Dit is niet de eerste vertaalklus die ik heb gedaan. Ik weet dat ik, voor iemand die dit gratis en voor niks doet, altijd goed werk aflever. Taalgevoel is iets wat je meekrijgt. Daar hoef je niet trots op te zijn, maar als je anderen ermee kunt helpen is dat mooi meegenomen. Als die het vervolgens maar niks vinden, dan moet je dat accepteren.

Het tweede pijnpunt is dat ze me een paar maanden hebben laten zitten vertalen, terwijl ze eigenlijk al wisten dat ze het niet gingen gebruiken. Nu zie ik dit niet helemaal als verloren tijd, want je leert er altijd wat van en het houd je van de straat. Maar aan de andere kant, ik had  leukere en misschien ook wel nuttiger dingen kunnen doen in die tijd. En zo blijkt maar weer dat Jezus het bij het rechte eind had toen Hij zei: Want de kinderen van deze wereld zijn onder elkaar  verstandiger dan de kinderen van het licht’ (Lucas 16:8). Inderdaad is het zo dat je als vrijwilliger bij de ‘kinderen van de wereld’ vaak meer waardering krijgt. Zo zou het niet moeten zijn …

Advertenties