We zijn het waard … of niet soms?

Lukas 7:1-10
De bronafbeelding bekijken

In deze tijd vinden we al snel dat we iets verdiend hebben. De vrouwen van L’Oréal zijn er bijvoorbeeld heel duidelijk over: ‘We’re worth it, we zijn het waard’. Waarom dat zo is, wordt nooit duidelijk, maar in reclame-uitingen hoeft dat ook niet. We hebben er immers recht op!

In dit verhaal lezen we dat de oudsten van de Joden van mening zijn dat een Romeinse centurio het waard is geholpen te worden. Ze hadden daar goede redenen voor. Hij had zich laten zien als vriend van het volk. Maar de hoofdman zelf stelt zich heel bescheiden op: ‘ik heb mezelf niet waard geacht naar U toe te komen’. De grondwoorden die hier gebruikt worden zijn axios, waard(ig) en axioō, waard achten.

De houding van de centurio komen we wel vaker tegen in de Bijbel. Johannes de Doper vond zich niet goed genoeg om Jezus zijn sandalen na te dragen (Matt. 3:11). De verloren zoon was van mening dat hij geen recht meer had op de liefde van zijn vader (Luc. 15:19). En ook Paulus wist dat hij de titel van apostel eigenlijk niet verdiende (1Kor. 15:9). Dat is geen valse bescheidenheid, maar een goed zicht op wie je werkelijk bent. In sommige kringen wordt deze houding erg aanbevolen. We zijn totaal verdorven en van geen enkele waarde. Daarin kunnen we natuurlijk doorschieten. We zijn niks en het wordt ook nooit wat met ons. Maar Jezus was wel op weg naar het huis van de hoofdman. Die was blijkbaar de moeite waard. Anderen duidelijk ook: Johannes werd door Hem omschreven als ‘de grootste van hen die uit een vrouw geboren zijn’. De verloren zoon werd weer liefdevol door zijn vader opgenomen en Paulus wordt gezien als een van de invloedrijkste apostelen. Andere gelovigen doen er helemaal niet moeilijk over. Natuurlijk zijn we het waard. In Christus zijn we immers geliefde kinderen van God en verdienen we alles wat Hij ons wil geven. Maar pas op dat we ook daarin niet overdrijven. Jezus zegt: ‘Wie vader of moeder liefheeft boven Mij, is Mij niet waard’ en ‘Wie zijn kruis niet op zich neemt en Mij navolgt, is Mij niet waard’ (Matt. 10:37,38). Dat zijn ernstige waarschuwingen! Elders zegt Hij: ‘Alles staat klaar voor het bruiloftsfeest, maar de gasten waren het niet waard genodigd te worden’. Wel uitgenodigd, maar de uitnodiging toch niet waard.

Dus is de Bijbelse waarheid, dat we het zowel wél als níet waard zijn. Van nature hebben we door de zonde recht op niets. In Christus mogen we door genade tot God te naderen en mogen we delen in alles wat Hij voor ons heeft verdiend. Eigenlijk is er maar Eén die het volste recht heeft: ‘U bent het waard, Heer, te ontvangen de heerlijkheid, de eer en de kracht, want U hebt alle dingen geschapen, en door Uw wil bestaan zij en zijn zij geschapen’ (Opb. 4:11).

Advertenties