De zegen doorgeven

‘De Heer hielp Jozef, zodat het goed met hem ging’. Genesis 39:2.

Jozef kon wel wat hulp gebruiken. Van verwend jongetje was hij door het verraad van zijn broers slaaf in een vreemd land geworden. Maar het gaat gelukkig weer een beetje de goede kant op met hem.

Het opmerkelijke in het levensverhaal van Jozef is dat hij de zegen nooit voor zichzelf houdt, maar er anderen in laat delen. Zijn meester Potifar kan op den duur alles aan hem overlaten. Het gaat goed met zijn huis door de aanwezigheid van Jozef. Hetzelfde gebeurt in de volgende fase van zijn leven, in een gevangenis nota bene. Op een gegeven moment kan de bewaker Jozef alles laten managen. Het loopt allemaal op rolletjes. Het eind van het liedje is dat Jozef uiteindelijk de leiding over heel Egypte wordt toevertrouwd en heel het land mag delen in de zegen.

Hoe is dat met ons? Net als bij Jozef zal het allemaal thuis moeten beginnen. God wil ons helpen om anderen in het gezin blij te maken. Dat is altijd de basis. Het leven is goed en mooi als mensen van hetzelfde gezin in liefde met elkaar leven. Psalm 133. Dan komt er ruimte voor de volgende stap: anderen tot zegen zijn op je school, je werk, je vereniging, of je kerk. Niet altijd gemakkelijk, maar de Heer is erbij om te helpen. En voor een enkeling kan het nóg verder gaan tot in posities van gezag zodat een hele streek of zelfs een heel land blij is dat jij er bent. Dat is heel iets anders dan wegvluchten in allerlei activiteiten omdat het thuis niet meer gezellig is. Leer van Jozef dat het begint in je onmiddellijke omgeving. Als het daar goed zit, is het misschien tijd voor een volgende stap.

Advertenties

Begieten of wachten op regen?

begieten

‘Want het land dat u in bezit zult nemen is heel anders dan Egypte, waar u vandaan komt. Daar moest u de akkers na het zaaien kunstmatig bevloeien als een groentetuin. Maar het land aan de overkant is een land met bergen en dalen, dat zijn dorst lest met het water uit de hemel. Het is een land waaraan de HEER, uw God, veel zorg besteedt en waarover hij waakt, het hele jaar door, van de eerste tot de laatste dag’. Deuteronomium 11:10-12

In Egypte waren de Israëlieten gewend geraakt aan de Egyptische landbouwmethoden. Het benodigde water moest vanuit de Nijl naar de akkers gebracht worden. Letterlijk staat er in de tekst: met de voet. Al lopend dus en dat zal best zwaar werk geweest zijn. Regenen deed het daar bijna nooit.

In het Beloofde Land zal het allemaal heel anders zijn. Daar zullen ze afhankelijk zijn van de regens, de vroege regen en de late regen. Daar zullen ze God moeten vertrouwen dat het elk jaar opnieuw zal regenen, op de juiste tijden. De Heer belooft een rijke oogst als ze de zaken op zijn manier willen aanpakken.

Daar zit voor ons ook een les in, zeker als we God willen dienen in zijn koninkrijk. Doen we dat op z’n Egyptisch of op een manier die beter past bij het Beloofde Land? Zijn we bereid om te wachten op de ‘zegen van boven’ of gaan we zelf aan de slag met onze plannetjes? Wat is onze grondhouding? Blijven we doorploeteren als de Heer zijn zegen lijkt te onthouden of gaan we op zoek naar de oorzaken?

Aan ons de keuze tussen slavernij aan de ene kant en de vrijheid die er ligt in de dienst aan God …

Goed bericht uit een ver land

Zaaien en oogsten onder de Masaï

‘Een goed bericht uit een ver land is als koel water voor een dorstige keel’. Spreuken 25:25.

Gisteren viel ‘Luchtpost’, het magazine van Mission Aviation Fellowship (MAF) bij ons op de deurmat met daarin het artikel ‘Zaaien en oogsten onder de Masaï’. Daarin werd kort geschetst hoe de MAF dertig jaar geleden begon te helpen bij de evangelieverkondiging onder deze nomadenstam. Het werk is langzaam gegroeid en vorig jaar werden er in de buurt van Malambo 600 mensen gedoopt. Een goed bericht uit een ver land.

Dat land is Tanzania. Toos en ik hebben destijds de start van dat werk van nabij mee mogen maken. Wij werkten toen met Agape onder de paraplu van de Lutherse Kerk in  Moshi. Ds. Lemashon had in Umasaini (Masai-land) gehoord dat wij een kopie van de Jezusfilm hadden met een nasynchronisatie in de Masaï-taal. Bovendien hadden we evangelisatiemateriaal dat paste in hun cultuur. Maar het was een hele onderneming om met onze jeeps op de plaats van bestemming te komen en trainingen te geven.

Met een vliegtuig van de MAF was het nauwelijks een uur. Gelukkig woonden wij destijds naast Peter, de Engelse piloot en die was zo enthousiast over wat er gebeurde dat hij zelfs sponsors in Engeland heeft gezocht om de vluchten te kunnen betalen. Toen wij in 1985 uit Moshi vertrokken om elders te gaan werken, is deze piloot verder gegaan met behulp van een Lutherse voorganger waarmee wij goed bevriend waren geworden.

We komen de foto’s uit die tijd nog wel eens tegen in oude albums en dan vraag je je af wat er van al die mensen geworden is. En dan lees je plotseling een bericht waaruit blijkt dat het werk toch langzaam is gegroeid. Wat toen gezaaid is, brengt nu vrucht voort. Daar word je blij van. ‘Ashe na leng’, dank u wel, zoals de Masaï het zeggen.

Zingen

zingen

‘Nadat ze de lofzang hadden gezongen, vertrokken ze naar de Olijfberg’. Matteüs 26:30 / Marcus 14:26.

Dit is de enige keer dat er in de evangeliën naar een mogelijk zingen van Jezus verwezen wordt. Toch staan er zo veel oproepen om tot eer van God te zingen in de Bijbel dat we mogen aannemen dat Jezus veel gezongen heeft. Bij het Pesachmaal werd na de tweede beker het eerste deel van het Hallel gezongen (Psalm 113,114) en aan het einde het tweede deel (Psalm 115-118). Daar ben je wel even mee bezig.

Maar verder in de bediening van Jezus lezen we niets over zingen, terwijl er toch bij verschillende gelegenheden grote groepen mensen bij elkaar waren om genezing en onderwijs van hem te ontvangen. Zouden er ‘hillsongs’ geklonken hebben op de heuvels van Galilea en Judea? Het zou best kunnen, maar we lezen er niets over. We kunnen vele namen geven aan Jezus, zoals leraar, herder, meester en genezer. Maar een ‘songleader’ is hij kennelijk nooit geweest. Ook heeft hij aan zijn leerlingen nooit de opdracht gegeven om het te worden. Andere zaken hadden blijkbaar voorrang.

Waarom dan toch het grote belang dat in de huidige kerk gehecht wordt aan aanbiddingsleiders, praisebands en performance? Zijn we misschien een beetje doorgeschoten op dat punt? Natuurlijk moeten we blijven zingen. Psalmen, gezangen, geestelijke liederen of hoe je het ook wilt noemen. In alle toonaarden mag de lof van God bezongen worden. Maar laten we oppassen dat we geen mensen gaan verheerlijken in plaats van onze Schepper. Hij verdient de ereplaats. Wij zijn slechts zijn dienaren.

Missionair

Image

In evangelische kring bij onze Engelse en Duitse buren zingt een nieuw woord rond: ‘missional’. Zie bijvoorbeeld op http://mission-net.org. Bij nader onderzoek blijkt het te gaan om een begrip dat in de Nederlandse taal al weer enigszins oudbakken is: missionair.

De ‘nieuwe’ ontdekking is dat al die massale, laagdrempelige samenkomsten hun doel een beetje voorbijschieten. Het op deze manier bij elkaar zijn, veelal onder aanvoering van een ‘aanbiddingsleider’, bijgestaan door een  veel geluid producerende praiseband, lijkt ongelovigen maar weinig aan te spreken. Weliswaar wordt in theorie God wel geprezen, maar als je wat beter kijkt, blijkt het eigenlijk om een feestje te gaan, waarbij alleen christenen zich vermaken. Weinig missionair dus, en van geen betekenis voor de maatschappij die op zoek is naar echtheid.

De ‘nieuwe’ ontdekking is dat gelovigen weer ongelovigen in hun familie en kennissenkring gaan ontmoeten om voor hen wegwijzers te zijn naar God. Kortom, een missionaire levensstijl. De samenkomsten dienen enkel nog ter toerusting en aanmoediging. Kerken worden weer werkplaatsen in plaats van vermaakscentra.

Deze aanpak lijkt me niet nieuw, maar eeuwenoud. Volgens mij deed Jezus het al zo en leerde Hij dat ook op die manier aan zijn volgelingen. Geweldig dat de kerk van vandaag daar opnieuw oog voor krijgt. ‘Maak alle volken tot mijn discipelen’. Dat gebeurt niet in samenkomsten, maar tijdens persoonlijke ontmoetingen. Aan de slag dus!

Goede voornemens

Image

Er zijn veel mensen die een nieuw jaar aangrijpen om weer eens ergens met frisse moed  tegenaan te gaan. Stoppen met roken, een dieet volgen, meer bewegen, harder studeren of een wat verhevener doel zoals meer aandacht geven aan de mensen om je heen.

Hier is er nog een, van iemand die er verstand van had: “maak je geen zorgen over jezelf en over wat je zult eten of drinken, noch over je lichaam en over wat je zult aantrekken. Is het leven niet meer dan voedsel en het lichaam niet meer dan kleding? Kijk naar de vogels in de lucht: ze zaaien niet en oogsten niet en vullen geen voorraadschuren, het is jullie hemelse Vader die ze voedt. Zijn jullie niet meer waard dan zij?  Wie van jullie kan door zich zorgen te maken ook maar één el aan zijn levensduur toevoegen?  En wat maken jullie je zorgen over kleding? Kijk eens naar de lelies, kijk hoe ze groeien in het veld. Ze werken niet en weven niet.  Ik zeg jullie: zelfs Salomo ging in al zijn luister niet gekleed als een van hen”. Matteüs 6:25-29.

Dat lijkt me een mooi streven: me minder zorgen maken over van alles en nog wat dit jaar. Een prima voornemen. Maar ik maak me er wel een beetje zorgen over dat ik het volgende week al weer vergeten zal zijn… Vandaar dit stukje.

Gelukkig Nieuwjaar!

29. Op weg naar het doel

9789032317720

De Bijbel is het belangrijkste boek ter wereld.

Het is de nummer 1 bestseller aller tijden – geen enkel boek haalt dezelfde oplages. Zowel het Jodendom als het christendom zijn op dit boek gebaseerd. Bovendien heeft de Bijbel de cultuur, de wetgeving, de kunst en de wereldbeschouwing van bijna elke samenleving op aarde beïnvloed.

Maar de Bijbel is meer dan een invloedrijk boek. Het is een historische verslag van de belangrijkste geschiedenis aller tijden: die van Gods bemoeienis met de mensheid.

De Bijbel bevat de pennenvruchten van verschillende schrijvers, die allen op hun eigen manier te werk zijn gegaan, maar toch samen dat ene verhaal vertellen te beginnen bij de schepping, de zondeval en uitmondend in Gods reddingsplan door Jezus Christus. Dat is kort samengevat de hoofdlijn van de Bijbel, het verhaal dat ons leven zin geeft.

Het boek ‘Op weg naar het doel’ wil daarbij een hulpmiddel zijn om dat grote verhaal beter te gaan begrijpen. Daarvoor zijn 100 belangrijke Bijbelgedeelten uitgekozen, bijeengebracht in 20 overzichtelijke etappes. Zo wordt duidelijk hoe de verschillende Bijbelboeken met elkaar samenhangen. Op deze reis door de Bijbel is plaats gemaakt voor persoonlijke ervaringen en inzichten om een brug te slaan tussen onze persoonlijke leefwereld en die van de Bijbel. Zo kun je erachter komen op welke manier jouw levensverhaal deel uitmaakt van het allesomvattende verhaal van God.

Het boek is te bestellen op http://clcnl.org/shop/boeken/dagboeken/op-weg-naar-het-doel-kuniholm/

Goede reis!